Columns en artikelen

Deze columns zijn tevens wekelijks te vinden in Het Spoor der Kampioenen én www.duivensites.nl.

KLEINE HOKKEN
15-4-2011

Een column maken speciaal voor de kleine hokken is niet zo gemakkelijk. Voor de beginner gaat nog, je geeft gewoon adviezen over aankoop, kloksystemen, voeding, verluchting, volières, clubgebeuren, bestuurlijke dingen en wat al niet meer.

Maar een column voor kleine hokken? Wat is het verschil dan tussen een klein hok en een groot hok? Volgens mij helemaal niets, alleen het aantal duiven en de tijd dat je er aan moet besteden qua stront krabben. Ik denk dat de anonieme vragensteller iets anders bedoeld, het gaat hem waarschijnlijk over het feit dat grote hokken alles kunnen mee spelen, mee kunnen gaan voor teletekst, Olympiade’s, WHZB en of BOTB.

Maar dat kan een “kleine man” ook, net zo gemakkelijk, alleen met minder duiven. De kleine man zoals we die dan nu maar noemen moet wil hij mee spelen op niveau ook op kwaliteit letten, ook op training, ook op verluchting ook op eventuele aankopen etc.

Kwaliteit

Het belangrijkste bij iedere liefhebber is de kwaliteit van de duiven, dus als u een klein behuisde liefhebber bent, moet u de lat nog hoger leggen. Op het kweekhokje van laten we zeggen maximaal vier koppels mogen alleen toppers zitten, dus duiven die qua uiterlijke kenmerken super zijn of gewoon heel goed gevlogen hebben. Dus als u begint en u heeft plaats voor 4 koppels, ga dan op zoek naar de besten die voor uw beurs te koop zijn, of haal ze in de club bij de beste speler, vraag daar om 4 koppels late jongen uit de betere vliegers en begin daar mee. Op zich hoeven die duiven uit eigen club niet veel te kosten. Heel veel liefhebbers in mijn club hebben wel eens duiven gehad van mij, en bijna altijd kregen ze de duifjes voor niets. Dus in uw club zal het waarschijnlijk net zo gaan, vraag gewoon de kampioen of èèn van de kampioen uit uw club en het komt vast goed.

Maar stel u voor: u heeft geld over om duifjes te kopen, ga dan naar een goede speler uit u omgeving en vraag naar jongen uit de allerbeste, dus uit die Asduif of uit die bekende kampioen. Als u de kans en geld heeft om iets te kunnen kopen, neem dan alleen genoegen met die goedgebouwde jongen uit de topper zelf. Dus uit Johan Cruijff en niet uit Henny Cruijff (de broer van). Als u klein behuisd bent en eigenlijk geen plaats heeft voor meer dan vier koppeltjes, geen punt. Zet dan even tijdelijk tijdens de koppeling 4 voedsterkoppels (opruimers) in het jonge duiven hok, u laat hen de eerste ronde uitbroeden en neemt er dan afscheid van. De tweede ronde van de kwekers kunnen ze dan zelf grootbrengen en u heeft 16 jongen van uw vier koppels met verschil van 10 dagen.

Met die 16 jonge duiven in een hokje van 1,5 x 2 meter gaat het best. Het gaat niet om het aantal, maar om de kwaliteit. En is het hokje 2 x 2 meter dan kunnen er zelfs 40 jongen op. Koppel dan de kwekers eerst gelijk met de voedsterduiven en koppel dan de vliegers (laten we zeggen 10 koppels) gelijk met de 2e ronde van de kwekers. Deze 2e ronde van de kwekers plaatst u onder de 4 minst presterende koppels, u heeft dan met een verschil van ongeveer 25 dagen 6 jongen per kweekkoppel, dus 4 x 6 = 24 jonge duiven plus de koppels van u 6 beste vliegkoppels = 36 jonge duiven (zal tussen de 28 en de 36 uitkomen in de praktijk) en dan heeft u alleen jonge duiven van de “goede duiven”.

Maar zoals al eerder gezegd; het aantal is minder belangrijk dan de kwaliteit. Maar ik begrijp het probleem van de kleine melker wel. Die ziet mega grote aantallen duiven, en daar zit gemakkelijker een topper tussen. Maar toch, als ik een klein hok had, nam ik het grootste gedeelte voor de jonge duiven. Wanneer u daar een paar meer van kunt houden is de selectie gemakkelijker. Als u 10 koppels vliegduiven kunt houden zou ik misschien zelfs de keuze maken om alleen met de doffers (of duivinnen) te spelen, ik zou met 10 koppels geen dubbel weduwschap spelen maar juist alles uit die 10 vliegduiven persen en daar hoort dan de partner altijd van thuis te zijn. Met grote aantallen duiven is dubbel weduwschap makkelijker te doen, er is altijd wel een duif van het andere geslacht thuis om hem/haar op te vangen.

Het hok

Voor de kleine melkers (dan bedoelen we natuurlijk de accommodatie) is ook het hok net zo belangrijk als voor de grote melkers. Ook het hok van de klein behuisde liefhebber moet eigenlijk op het zuid oosten staan of ergens zuid of oost (met de voorzijde naar die richting), in principe is het gemakkelijk vorm te pakken als u hok op èèn van die richtingen staat. Bij een hokje op het westen of noorden komen iets vaker problemen voor in het begin van het seizoen qua temperatuur, zon en dus vorm. Als ik kon kiezen (als kleine melker) nam ik een hok van 2 x 2 meter voor 12 weduwnaars, met daar aan vast (met schuifdeur) een hokje van 1 x 2 meter voor de 12 weduweduivinnen, daar weer aan vast een hokje van 2 x 2 meter voor 40 jonge duiven. Dan zijn we op vijf meter totaal. Hebben we dan nog plaats, dan graag een hok van 1,5 x 2 meter voor de 4 kweekkoppels. Zoals u ziet hebben we dan 6,5 meter lang x 2 meter diep. En kunnen we hierop spelen tegen de grote mannen? Ja in principe wel, vooral als u kiest voor het Vitesse en Midfond spel. Als ik een kleine liefhebber was ging ik geen dagfond en al helemaal geen overnacht spelen.

Probeer als u een nieuw of gebruikt hok koopt/krijgt te zorgen voor oud Hollandse pannen. Dus gewoon een punt dakje met drie rij pannen aan de voorzijde en dan vier of vijf rijen pannen aan de achterzijde. Ga dus voor de korte kant aan de voorzijde. Oud Hollandse pannen omdat die het beste zijn. Zelfs hoe ouder hoe beter, u mag er vanaf de binnenzijde best door naar buiten kijken. Als u deze oud Hollandse pannen er op heeft, en het hok staat op de zuid/oost zijde doe dan een knijper (of een ander klein blokje) onder de 2e rij van boven aan de achter zijde. Bouw een plafond in het hok wat u door schuiven open of dicht kan doen. Aan de voorzijde (de zijde van de ramen en invliegkleppen) laat u 10 cm ruimte open in het plafond (de schuifplaten dus iets open/ iets naar achter), bij de jonge duiven laat u dat gerust 20/30 cm open staan. De broedbakken bij de weduwnaars maakt u 50 cm breed en zo’n 50 cm diep, de hoogte laat u van uw hok afhangen, maar als het kan 50 x 50 x 50 (Belgische broedbakken).

Misschien volgende week verder over de “kleine melker” kom maar met ideeën naar beute_zn@hotmail.com

Diversen

Vorige week donderdag 7 april ben ik met Daniel Haneveld en Willem Heinhuis naar Theo Lhenen geweest (Nettetal Duitsland). Onwaarschijnlijk fijne duiven zagen we daar in het kweekhok. Maar kweekhok is eigenlijk niet het goede woord, het is meer een gevangenis. Door eerdere diefstallen bij Theo is het kweekhok nu beter beveiligt dan de gevangenissen in Nederland. Er zaten echte supers tussen en zelfs een 9- duif!! De fijnste dochter van de Olympiade van Leo Heremans die ik ooit zag zat op dit kweekhok. Alle duiven van dit hok hebben we bekeken, zelfs nog een oude zoon van de Klamper van de gebroeders Janssen. Prachtig.

Op vrijdagmorgen de 8e april was het weer groot feest bij ons achter het huis, Falco Ebben, Wim Pasman, Ferry van Loo, Richard van der Horst, Willem Heinhuis, Daniel Haneveld, Ydo en Elco Homma en Rein Gaal waren te gast. We praten vaak over gezelligheid en over vriendschappen, ik denk dat ik aan deze mensen echte vrienden heb, maar 100% zeker weet je het nooit.

In het verleden zijn bijna alle vrienden profiteurs gebleken. Tientallen mensen waren vrienden, kregen gratis duiven, kregen voer voor inkoopsprijs of soms zelfs voor niets. Al deze mensen profiteerden van mijn duivenkennis, openheid, gulheid tot de dag dat ze het zelf wisten, genoeg duiven hadden, of tot mijn beurs op slot ging, toen waren de vrienden geen vrienden meer. Bij kampioenen heb je iets eerder kans op vriendschappen (in mijn geval dan), deze liefhebbers willen niets, hoeven niets, en maakt het niet uit wat ik zeg, ze trekken hun eigen plan, en zien me gewoon als vriend. Over Gunter Prange, Hans Eijerkamp en Peter Fincken hoef ik helemaal niet te twijfelen, deze mannen zijn vrienden voor het leven. 

Hoe ging het de eerste vlucht? Prima, : 4,5,6,7 tegen zo’n 2200 duiven is geen verkeerde start.

Groetjes!

Terug